Ina van Zyl

‘De natuur van de Kaap zit in mijn wezen’

In de jaren 90, tijdens een periode van ingrijpende veranderingen in haar geboorteland, kwam de Zuid-Afrikaanse kunstschilder Ina van Zyl naar Amsterdam. Ze bleef, maar de natuur en haar herinneringen aan de Kaapprovincie blijven onmiskenbaar doorleiden in haar werk. We nemen een kijkje in haar atelier.

TEKST & FOTO’S: Koos de Wilt

Het Amsterdamse atelier bevindt zich in het hartje van de Wallen, in een steegje vlak bij de Oudezijds Voorburgwal, op een steenworp afstand van de Oude Kerk. Hier komt het noorderlicht binnen: het licht van schilders, en zeker van haar, want haar onderwerpen staan nooit in het volle licht. Midden in de ruimte staat een lege ezel, en her en der bevinden zich deels gebruikte tubes olieverf en veel kunstboeken van oude meesters. Op de grond en tegen de muur staat werk dat ze in de afgelopen decennia heeft gemaakt. Ina van Zyl (°1971) werkt hier al lang en komt er ook graag als ze niet aan het schilderen is. Het is er stil en door het klokkenspel van de Oude Kerk op de achtergrond waan je je in een dorpje, ver weg van de massa’s toeristen op de Wallen. Het is een wonderlijk stukje Amsterdam, met statige, eeuwenoude panden en nauwe steegjes, waar tegelijkertijd de chaos heerst van de wereldberoemde Rosse Buurt.

De kunstenaar houdt van zulke tegenstellingen. “Ik woon nu net zo lang in Nederland als ik in Zuid-Afrika heb gewoond”, zegt ze. “Ik kom uit de Kaapprovincie, waar ik ben opgegroeid op een boerderij buiten Ceres, vlak bij de bergen, een gebied dat bekend staat om zijn appels en peren en de industrie rond het verwerken van fruit. Het was voor mij als kind vooral een plek waar ik werd omringd door de natuur, echte, rauwe natuur. De laatste twintig jaar werk ik hier in Amsterdam, maar de natuur van de Kaap zit in mijn wezen. Ik denk er iedere dag wel aan. Natuur staat voor mij voor verwondering, schoonheid, levenslust, energie en troost. Maar Amsterdam, de drukke stad, hoort ook bij mij. Het zijn twee totaal andere werelden die mij maken en naast elkaar kunnen bestaan.”